Het is een typische zondagmiddag en de strijd om de tablet is weer begonnen. Je 10-jarige zoon lijkt vergroeid met het scherm. Uit frustratie roep je: “Zit niet de hele dag achter dat scherm!”
Verrassend genoeg lijkt dit hem alleen maar meer aan te moedigen om te blijven zitten waar hij zit. Dit soort situaties komen vaak voor en kunnen behoorlijk frustrerend zijn.
Maar wat als ik je vertel dat de oplossing soms simpelweg in onze woordkeuze ligt?
Het woord ‘NIET’ wordt nauwelijks gehoord
Kinderen, en vooral jongere, hebben soms moeite met het verwerken van negatieve instructies. Wanneer je zegt: “NIET op de laptop kijken,” is de kans groot dat het enige wat jouw kind hoort: “op de laptop kijken”. Waarbij het woord “niet” compleet verloren gaat. Daarnaast heeft het geen enkel idee wat het dan wel zou moeten doen.
Deze communicatiestijl kan tot misverstanden en frustraties leiden, zowel voor het kind als voor de ouder.
Benadrukken van gewenst gedrag
Het benadrukken van gewenst gedrag in plaats van het benoemen van ongewenst gedrag is essentieel. Het draagt bij aan een positieve en constructieve interactie tussen ouders en kinderen, waarbij duidelijkheid wordt verschaft en misverstanden worden voorkomen.
Positieve benadering maakt wereld van verschil
Geïnspireerd door dit inzicht, veranderde ik mijn aanpak. In plaats van te benadrukken wat hij niet mocht doen, nodigde ik mijn zoon uit voor een activiteit. “Wat dacht je ervan om samen een spelletje basketbal te spelen buiten?”
Deze positieve benadering maakte een wereld van verschil. Zijn interesse was gewekt en al snel waren we samen actief bezig buiten, weg van de schermen.
Van machteloos en gefrustreerd, naar verbonden en effectief
De verandering was niet alleen zichtbaar in ons gedrag, maar ook in hoe we ons voelden. Eerder voelde ik me gefrustreerd en machteloos, nu voelde ik me verbonden en effectief.
Het gebruik van positieve en directe communicatie maakte onze zondagmiddag lichter en leuker, een echte opluchting voor ons beiden.
Heb jij ooit gemerkt dat verandering in je woordkeuze grote impact had op de reactie van je kind?
